Dit vindt OVAL, wat vindt u?

Werken onder minimumloon leidt tot verdringing

OVAL, Focus, Matchcare en Thaeles in het FD: Loopbaanbranche speelt in op onzekere arbeidsmarkt

De arbeidsmarkt gaat vrijwel zeker flink op de schop. Nederlanders moeten langer doorwerken, uitkeringen zijn er niet meer voor het leven en het ontslagstelsel staat ter discussie. Outplacementbureaus lopen zich al warm.

De Nederlandse werknemer ziet steeds vaker de bui al hangen. Waar hij tot voor kort pas in beweging kwam als de nood al aan de man was, ontstaat nu het besef dat dit onvoldoende is. Door de voortwoekerende crisis en ontslagronden bezint hij zich eerder op scholing en arbeidsmarktkansen, zegt de outplacementbranche.

Werknemers zien hoe dan ook in toenemende mate hun functie, hun kerntaken en zelfs hun hele bedrijf continu veranderen, zegt directeur Christel Logemann van loopbaan- en outplacementbedrijf Focus. ‘Ook daardoor realiseert de gewone man zich dat hij zijn best moet doen om up-to-date te blijven, voor zijn huidige of een andere baan. Terwijl hij eerst altijd dacht: dit gaat aan mij voorbij.’
Daarnaast speelt volgens haar mee dat Nederlanders langer moeten doorwerken sinds de afschaffing van VUT en prepensioen. En nu ook de AOW-leeftijd de komende jaren wordt opgetrokken, stimuleert dat mensen nog eens extra om zich te buigen over de vraag of ze hun werk wel volhouden. ‘Ze kijken hoe ze hun baan leuk kunnen houden of zien dat ze andere capaciteiten moeten ontwikkelen, desnoods in een andere functie’, bevestigt directeur Misja Bakx van loopbaanbedrijf Matchcare.

Bakx voorziet voor de komende jaren dan ook een grote groei in de dienstverlening aan individuele werknemers die voor advies bij Matchcare aankloppen. ‘Die markt staat nu nog in de kinderschoenen, want werknemers komen nu nog vaak bij ons vanuit grote collectieve contracten die de overheid of hun sector betaalt. Maar daar is het geld op.’

Hij speelt al in op deze nieuwe marktkansen door onder meer een samenwerkingsverband aan te gaan met CNV Vakmensen. De leden van deze vakbond kunnen zich voortaan rechtstreeks, zonder tussenkomst van hun werkgever, wenden tot Bakx’ bedrijf.

Ook bij werkgevers liggen mooie kansen voor de outplacementbedrijven, zegt Logemann. ‘Veel bedrijven wachten nog af, maar met name grote ondernemingen zijn wel al constant bezig met het inzetbaar houden van hun personeel. Voor Rabobank hebben wij bijvoorbeeld een digitaal loopbaanportaal ontwikkeld, waarbij werknemers met behulp van vragen worden aangemoedigd na te denken over hun competenties en functie zonder dat sprake is van ontslagdreiging. Ze krijgen daarbij ook een coach.’

Zo’n systeem werkt volgens Logemann pas echt goed als werknemers niet eerst toestemming van hun manager hoeven vragen. ‘Mensen zijn immers onzeker in crisistijd en durven dan niet goed aan te kaarten dat ze zich willen bezinnen op hun loopbaan.’

De brancheorganisatie voor re-integratie- en loopbaanbedrijven Oval pleit er dan ook voor dat werknemers recht krijgen op een periodieke loopbaancheck. ‘En middelen om in te grijpen als uit die check blijkt dat mensen gaan uitvallen’, aldus voorzitter Kick van der Pol. ‘Bedrijven geven soms wel € 700 per maand per werknemer uit aan een leaseauto, maar vinden dan € 100 per jaar per werknemer voor een fatsoenlijk arbocontract duur. Terwijl dit leidt tot een hogere arbeidsproductiviteit én we na de crisis arbeidsmarktkrapte krijgen. We moeten iedereen vitaal houden.’

Wel erkent hij, net als directeur Rob Huskens van re-integratiebedrijf Thaeles, dat werkgevers nu al steeds vaker geld opzijzetten voor een ‘rugzakje’ voor hun werknemers. Die kan daarmee scholing of loopbaanadviezen inkopen. Volgens Huskens doen werkgevers dit omdat zij vrezen straks als ‘schadeveroorzakers’ te moeten opdraaien voor de opgedane schade op de arbeidsmarkt: werkgevers die weinig hebben geïnvesteerd in het opleiden van hun personeel, zouden dan een hogere vergoeding bij ontslag moeten betalen. De kantonrechters werken al aan zo’n model en ook het CDA is hier voorstander van.

Huskens voorziet een verdere groei voor zijn branche vanwege een nieuwe trend in de sociale plannen. Daarin is de laatste tijd meer aandacht voor van-werk-naar-werktrajecten, mede omdat er geen geld meer is voor hoge ontslagvergoedingen. Mede daarom verlangen bedrijven wel snellere trajecten, erkent hij. Logemann beaamt: ‘We moeten mensen in maximaal een halfjaar en veel intensiever aan nieuw werk helpen. Ik verwacht vanwege de crisis nog meer vraag hiernaar.’

Vanwege de crisis en omdat hij langer moet doorwerken, bezint werknemer zich vaker op zijn loopbaan.

Werknemers in de financiële sector hebben het zwaar op de arbeidsmarkt. In hun branche staan de banen het meest onder druk.

Bron: Dit artikel van Ria Cats is verschenen in Het Financieele Dagblad van 30 juli 2012