Het opheffen van de scholingsaftrek en een forse bezuiniging op nascholing waren de afgelopen weken onderwerp van discussie in de Tweede Kamer met minister Bussemaker. De minister is voornemens om de scholingsaftrek met ingang van 2018 te laten vervallen en daar een systeem met scholingsvouchers voor in de plaats te zetten. Zie eerdere berichtgeving.
De Tweede Kamer heeft de minister gevraagd om veel gedetailleerdere informatie over de vouchers en om de bezuiniging te schrappen. OVAL is het met een groot deel van de argumentatie eens: juist in een samenleving waar een leven lang leren veel belangrijker wordt, moet na- en bijscholing zo veel mogelijk gestimuleerd worden. Werkgevers en werknemers zijn in eerste instantie aan zet, maar de overheid heeft een nadrukkelijkere rol in het stimuleren ervan. Dat kan door een voorziening als scholingsaftrek of scholingsvouchers.
In haar brief van 9 november 2016 heeft de minister veel meer uitleg gegeven over haar plan voor de scholingsvouchers. Hiermee is een en ander opgehelderd.
Punten waar OVAL nog steeds voor pleit is dat de vouchers ook voor hogeropgeleiden beschikbaar moeten zijn, dat ze breder bruikbaar moeten zijn dan alleen het (branche-)erkend onderwijs en dat de grote bezuiniging zeer onverstandig is en derhalve van tafel moet. Op dit onderwerp werkt OVAL nauw samen met de NRTO en ook met VNO-NCW en MKB Nederland. De discussie is ook met de Tweede Kamer nog niet ten einde en zal ook volgend jaar nog doorlopen als de precieze invulling van het vouchersysteem bekend wordt.
Bron: OVAL